|
Broodbaktips De voorgeschreven hoeveelheid:
De voorgeschreven hoeveelheid meel, is de hoeveelheid die in
de broodbakmachine past (meestal is dit 500 gram). Maar kan er
bijv. maar 300 gram in de machine dan is 300 de voorgeschreven
hoeveelheid. Het is dus afhankelijk van wat voor type en soort
broodbakmachine u heeft. (De voorgeschreven hoeveelheid zegt
alleen wat over het meel, niet meel+water)
Hoeveelheid water:
De hoeveelheid water die er gebruikt moet worden in het
meel, is geheel afhankelijk van het soort meel dat u gebruikt.
In de meeste van onze Broodbakmachine-mixen moet zo rond de 50%
water (het staat op de zijkant aangegeven, in procenten). Dan nu
het verhaal met de procenten. Ik zal eerst iets over water
vertellen. Het is zo dat water (onbewerkt, dus uit de kraan of
bronwater) zoveel weegt dat 1 ML water net zoveel weegt als 1
Gram. Het is dus nu simpel uit te rekenen als u bijv. 500 gram
meel heeft en er moet 50% water in (50% is de helft) dat is 250
Gram water, en 250 Gram water is gelijk aan 250 ML.
Meelgewicht / 100, die uitkomst (Meelgewicht / 100) X het
aantal procenten = ML water wat moet worden toegevoegd.
Dus: Meelgewicht = 500 Gram, Aantal procenten = 55%
500 (Gram) / 100 = 5 (Gram), 5 (Gram) X 55 (%) = 275 ML water
moet worden toegevoegd.
Hoeveelheid gist:
Daar kan ik kort over zijn:
Wat wij in de winkel verkopen zijn: vijf zakjes gist in één
pakje (5 zakjes per pakje) en daar geld de regel, 1 ZAKJE per
500 Gram meel of Bloem.
Koopt u een groot pak, dan wordt het zelf afwegen, en die
hoeveelheden kunt u vinden in een receptenboekje/kookboek.
Hoeveelheid zout:
Daar kan ik nog korter over zijn: Dit moet u eigenlijk
altijd afwegen. En ook die hoeveelheden kunt u terug vinden in
een receptenboekje/kookboek. |